Typen leren: les 6 van 7, Typen oefenen: je oefenplan

Typen oefenen: een eenvoudig oefenplan voor elke dag

Typen leer je door te doen. De theorie lees je zo, maar je vingers moeten het zelf leren. Daarom draait alles om typen oefenen, liefst vaak en kort. In deze les krijg je een eenvoudig oefenplan voor vier weken en een paar tips om het vol te houden.

Kort en vaak werkt beter dan lang en zelden

Je vingers onthouden door herhaling. Een uur typen op zondag is minder fijn dan elke dag een kwartier. Tien tot vijftien minuten per dag is voor de meeste mensen goed vol te houden. Kies een vast moment, bijvoorbeeld na het ontbijt. Dan wordt het een gewoonte.

Kun je niet elke dag? Kies dan een paar vaste dagen per week. Het gaat om regelmaat.

Een oefenplan voor vier weken

Dit plan loopt langs de lessen van deze cursus. Het is een voorstel. Gaat het langzamer? Blijf dan gerust een week langer bij een onderdeel. Er is geen haast.

WeekWat oefen je?Let op
1Wijsvingers en de basisrij (les 1 en les 2)Alleen naar het scherm kijken
2Bovenrij en onderrij (les 3)Reik en kom meteen terug
3Hoofdletters en leestekens (les 4)Shift aan de andere kant
4Snelheid en nauwkeurigheid (les 5)Rustig en foutloos

Zo ziet een oefensessie eruit

  1. Controleer je houding (zie les 1).
  2. Begin met een minuut of twee makkelijke tekst, bijvoorbeeld woorden van de basisrij.
  3. Oefen daarna vijf tot tien minuten wat jij moeilijk vindt, zoals een bepaalde letter of de hoofdletters.
  4. Sluit af met een zin die je foutloos typt. Dan eindig je met een goed gevoel.
  5. Schud je handen los en neem even pauze.

Oefening 1: een rustige start

Een goede oefening begint met een rustige zin. Ik zit goed, ik kijk naar het scherm en ik typ zonder haast.

Houd je voortgang bij

Het helpt om kort op te schrijven wat je gedaan hebt. Een schrift naast je computer is genoeg. Noteer de datum, wat je oefende en hoe het ging. Na een paar weken zie je zwart op wit dat je vooruitgaat. Dat motiveert, vooral op dagen dat het even tegenzit.

Oefen met teksten die je zelf leuk vindt

Losse letters worden snel saai. Typ daarom af en toe iets wat je zelf wilt schrijven. Een e-mail aan een vriend, een boodschappenlijstje, een dagboek of een recept. Je kunt ook een stukje uit een boek of de krant overtikken.

Moet je even snel een bericht typen? Probeer het dan toch met tien vingers. In het begin gaat het langzamer, maar je vingers wennen eraan.

Oefening 2: een boodschappenverhaal

Morgen ga ik naar de bakker, de slager en de groenteman. Ik haal brood, kaas, appels en een flinke bos peterselie.

Krijg je pijn of een tintelend gevoel in je handen of polsen? Stop dan en neem rust. Heb je er vaker last van, vraag dan je huisarts om advies.

Probeer het zelf

Typ deze tekst twee keer. Let de eerste keer vooral op je vingers en de tweede keer op een gelijkmatig ritme.

Probeer het zelf: twee keer overtypen

Elke dag een beetje oefenen is genoeg. Mijn vingers leren de toetsen steeds beter kennen, en ik kijk steeds minder naar mijn handen.

Onthoud

Wat werkt beter: elke dag even of eenmaal per week lang?

Elke dag even. Je vingers onthouden door herhaling.

Wat doe je in de eerste week van het plan?

Je oefent de wijsvingers en de basisrij.

Wat doe je als je terugvalt naar twee vingers?

Ga een paar dagen terug naar de basisrij en bouw rustig weer op.

Veelgestelde vragen

Hoe vaak moet ik typen oefenen?

Liever vaak en kort dan zelden en lang. Een vast moment per dag van tien tot vijftien minuten is een goed voorstel. Kun je dat niet elke dag, kies dan een paar vaste dagen per week.

Hoe lang duurt het voordat ik blind kan typen?

Dat verschilt per persoon en hangt af van hoeveel je oefent. Wie dagelijks oefent, merkt vaak na een tijdje dat de eerste toetsen vanzelf gaan. Echt vlot typen kost meestal meer tijd. Zie het als een vaardigheid die je opbouwt.

Waar kan ik gratis typen oefenen?

Op deze site. De lessen hebben oefeningen waarin je meteen je snelheid en nauwkeurigheid ziet. Daarnaast kun je de gratis typetest van één minuut doen. Je kunt ook gewoon veel typen: e-mails, een dagboek of overtikken uit een boek.

Wat als ik terugval naar typen met twee vingers?

Dat gebeurt vaak, zeker als je haast hebt. Ga dan een paar dagen terug naar de basisrij uit les 2 en bouw weer op. Probeer in het dagelijks leven zoveel mogelijk met tien vingers te typen, ook al gaat het eerst langzamer.

Aangeraden door