Vliegangst: les 6 van 8, Hoe veilig is vliegen?
Hoe veilig is vliegen? Controles, opleiding en reservesystemen
Hoe veilig is vliegen? Het antwoord is niet "het kan niet misgaan", want dat kan niemand zeggen. Wat je wel kunt weten, is hoe de luchtvaart veiligheid regelt: met regels, controles, opleiding en reservesystemen. In deze les lees je dat, in gewone taal en zonder cijfers.
Veiligheid in lagen
De Europese luchtvaartautoriteit EASA legt uit dat veiligheid uit meerdere onderdelen bestaat. Je ziet het hieronder als een route die elke vlucht doorloopt.
- 1Ontwerp en keuringVliegtuigen worden gecertificeerd
- 2MaatschappijDezelfde regels voor airlines in Europa
- 3OnderhoudVaste controles en inspecties
- 4BemanningOpleiding en regelmatige toetsen
- 5ReservesystemenBelangrijke systemen zijn dubbel
- 6LuchtverkeersleidingHoudt vliegtuigen op afstand
Keuring voor de eerste passagiersvlucht
EASA schrijft dat een vliegtuig eerst moet worden gecertificeerd, dus gekeurd, voordat het voor het eerst met passagiers mag vliegen. Dat gebeurt met berekeningen, tests op de grond en tests in de lucht. Ook daarna houden autoriteiten toezicht. Dat is dus een eis en geen keuze van de fabrikant.
Dezelfde regels voor airlines in Europa
Volgens EASA vallen alle luchtvaartmaatschappijen die in Europa vliegen onder dezelfde veiligheidsregels. Ook maatschappijen van buiten de EU moeten aan dezelfde eisen voldoen om in Europa te mogen vliegen. Luchthavens en luchtruim hebben eveneens gezamenlijke regels.
De bemanning: opleiding en toetsen
Piloten moeten worden opgeleid volgens internationale veiligheidsnormen. Ze worden regelmatig getoetst. Een groot deel daarvan oefenen ze in een simulator, een nagebouwde cockpit. Daar oefenen ze ook situaties die je in het echt zelden meemaakt, zoals een motor die uitvalt of een doorstart (zie les 5). Niet alles is daarmee opgelost: EASA wijst zelf ook op punten die beter kunnen. Daarom blijven regels veranderen.
Onderhoud en luchtverkeersleiding
Een vliegtuig wordt niet alleen gekeurd, maar ook onderhouden. Maatschappijen controleren en repareren hun vliegtuigen volgens vaste regels en leggen dat vast. Boven de grond let de luchtverkeersleiding op de afstand tussen vliegtuigen. Piloten krijgen van hen aanwijzingen over route en hoogte. Zo kijken er steeds meerdere mensen mee, op de grond en in de lucht.
Reservesystemen
In vliegtuigen zijn belangrijke systemen meerdere keren aanwezig. In de technische eisen van EASA wordt zo'n reserve genoemd als manier om een storing op te vangen. Een voorbeeld is een apart reserve-instrument dat los staat van de hoofdinstrumenten. Valt er iets uit, dan is er een tweede systeem. Zo kan een vlucht veilig worden voortgezet.
Bliksem en motoruitval
Bliksem. Vliegtuigen worden af en toe door de bliksem getroffen. Ze zijn daarvoor ontworpen en moeten daarvoor getest zijn. De stroom blijft grotendeels aan de buitenkant van het vliegtuig. Piloten proberen onweersbuien te vermijden, mede met weerradar (zie les 3).
Motoruitval. Een vliegtuig met twee motoren moet volgens de certificeringseisen kunnen blijven vliegen en landen op één motor. Piloten oefenen dit in de simulator. Na zo'n storing kiezen ze een daarvoor geschikte luchthaven.
Geen beloftes: deze les beschrijft hoe veiligheid is georganiseerd, niet dat er nooit iets kan gebeuren. Er staan bewust geen cijfers in. Wil je actuele cijfers, zoek ze dan op bij een luchtvaartautoriteit, zoals EASA, of bij de Rijksoverheid.
Probeer het zelf
Zoek zelf een bron op en vat die samen.
- Zoek op de site van EASA of de Rijksoverheid een pagina over veiligheid in de luchtvaart (10 minuten).
- Schrijf in drie zinnen wat je hebt gelezen.
- Kijk welke laag uit de tekening het beste bij je tekst past.
- Zet een vraag die nog openstaat op je vragenlijst uit les 1.
Onthoud
- Veiligheid is in lagen geregeld: keuring, regels voor maatschappijen, onderhoud, opleiding, reservesystemen en luchtverkeersleiding.
- Een vliegtuig moet gecertificeerd zijn voordat het met passagiers vliegt.
- Piloten oefenen noodsituaties in een simulator.
- Niemand kan beloven dat er nooit iets misgaat. Daarom werkt de luchtvaart met meerdere lagen.
Check jezelf
Wat moet er gebeuren voordat een vliegtuig met passagiers vliegt?
Het moet gecertificeerd, dus gekeurd, zijn.
Wat is een reservesysteem?
Een tweede systeem dat het werk kan overnemen als het eerste uitvalt.
Waar oefenen piloten een motoruitval?
In een simulator, een nagebouwde cockpit.
Veelgestelde vragen
Hoe veilig is vliegen?
Luchtvaartautoriteiten stellen strenge eisen aan vliegtuigen, maatschappijen, bemanning en luchthavens. Een uitspraak dat er nooit iets kan gebeuren, kan niemand doen. Wat je wel kunt lezen, is hoe de veiligheid is georganiseerd. Dat staat in deze les.
Is vliegen veilig?
Veiligheid is in de luchtvaart in lagen geregeld: ontwerp en certificering, onderhoud, opleiding van de bemanning, reservesystemen en luchtverkeersleiding. Elke laag vangt iets op. Dat maakt het systeem sterk, maar geen enkel systeem is volmaakt.
Wat gebeurt er als de bliksem inslaat in een vliegtuig?
Vliegtuigen worden af en toe door de bliksem getroffen. Ze zijn daarvoor ontworpen en getest: de stroom loopt grotendeels langs de buitenkant van het vliegtuig. Piloten proberen onweersbuien te vermijden.
Wat gebeurt er als een motor uitvalt?
Piloten trainen dit regelmatig in een simulator. Vliegtuigen met twee motoren moeten volgens de certificeringseisen kunnen blijven vliegen en landen op één motor. De piloten landen dan op een daarvoor geschikte luchthaven.