Massage: les 3 van 8, Zweedse massage: de basisgrepen
Zweedse massage: de basisgrepen effleurage en petrissage
Zweedse massage is een andere naam voor de klassieke massage. In deze les leer je de basisgrepen van die massage, zoals effleurage en petrissage, in gewone woorden en met de richting waarin je ze uitvoert.
De vijf basisgrepen van de klassieke massage
Opleiders verdelen de grepen in vijf groepen. Het zijn Franse woorden, dus we leggen ze meteen uit.
| Greep | Wat is het? | Hoe doe je het? |
|---|---|---|
| Effleurage | Strijken | Je handen glijden met een gelijkmatige druk over de huid. |
| Petrissage | Kneden | Je pakt een spierbundel, tilt hem op, knijpt en wringt rustig, zoals bij brooddeeg. |
| Frictie | Wrijven | Kleine cirkeltjes met duim of vingertoppen. Je duim glijdt niet over de huid, maar beweegt de huid mee. |
| Tapotement | Kloppen | Snelle, ritmische tikjes met de vingertoppen, de zijkant van je hand of een losse vuist. |
| Vibratie | Schudden | Kleine, snelle bewegingen of een rustig heen en weer schudden. |
Effleurage: strijken met de hele hand
Effleurage is de bekendste greep. Je laat je handen onder gelijkmatige druk over de huid glijden. Opleiders gebruiken hem aan het begin, tussen andere grepen door en aan het einde van een massage. Je kunt strijken in de lengte van de spieren, dwars op de spieren of in cirkels.
Je strijkt met de volle hand, met de handpalm, met je duimen of, heel zacht, met de vingertoppen. Laat je hand de vorm van het lichaam volgen, zodat de hele hand contact maakt. Houd de druk en de snelheid gelijk en wissel af zonder plotselinge sprongen.
Opleiders geven een handige volgorde: begin met een groot oppervlak en lichte druk en werk naar een kleiner oppervlak met meer druk. Sluit weer af met zachte strijkingen over een groot oppervlak.
Petrissage: kneden
Bij petrissage pak je een spierbundel met een of twee handen vast, trek je hem rustig omhoog, knijp je en wring je een beetje. Het lijkt op het kneden van brooddeeg. Opleiders noemen het geschikt voor grotere spiergroepen, zoals de schouders, de zij van de rug en het bovenbeen. Werk ritmisch en traag. Je kneedt niet hard: de ander bepaalt de druk.
Frictie, tapotement en schudden
Frictie is een kleine, gerichte cirkelbeweging, vooral met de duim. Het voelt snel intens, dus houd de druk laag en vraag of het goed is. Tapotement en vibratie (schudden) komen in de klassieke massage ook voor. Schudden kun je rustig tussendoor gebruiken, bijvoorbeeld met je hand op een schouder of aan een voet. Tapotement laten we in deze cursus weg: dat is voor beginners niet nodig.
In welke richting werk je?
De regel van opleiders is: werk met de steviger streek naar het hart toe. Bij armen en benen ga je van hand of voet naar de romp. Bij de rug ga je van onder naar boven. De terugweg doe je licht en ontspannen. In les 4, 5 en 6 zie je dat terug in de tekeningen.
- 1Strijk grootVolle hand, lichte druk.
- 2Strijk dieperKleiner gebied, meer druk als de ander dat wil.
- 3KneedGrotere spieren oppakken en kneden.
- 4Strijk zacht afLichte strijkingen over een groot gebied.
Tip: een opleider schrijft dat een of twee grepen met gevoel meer waard zijn dan tien grepen uit pure techniek. Begin dus met effleurage en petrissage. Over de plekken waar je niet drukt lees je in les 4 over rugmassage.
Veiligheid: masseer niet bij koorts, ziek zijn, een wond, ontsteking, zwelling, huiduitslag, een recente blessure of operatie of een pijnlijk, warm, gezwollen been. Stop bij pijn. Geef nooit druk op de wervelkolom, de voorkant van de hals, de knieholte of op botten. Bij zwangerschap of een aandoening vraag je eerst een arts of verloskundige. Zie les 1.
Probeer het zelf
Oefen de twee basisgrepen op jezelf, zonder olie. Het duurt vijf minuten.
- Leg je rechterhand plat op je linkeronderarm bij de pols. Strijk langzaam met de volle hand naar je elleboog, zodat je hand de vorm van je arm volgt.
- Doe dat tien keer. Houd de druk gelijk. Strijk de laatste keer extra zacht.
- Pak met je rechterhand de spier boven op je linkerbovenarm, trek hem rustig omhoog en knijp een beetje. Laat los en pak een stukje verderop. Dit is petrissage.
- Wissel van kant. Welke greep voelt het prettigst en met hoeveel druk?
Onthoud
- Zweedse massage is de klassieke massage met vijf grepen: effleurage, petrissage, frictie, tapotement en vibratie.
- Effleurage is strijken met gelijkmatige druk, petrissage is kneden.
- Werk met de steviger streek naar het hart toe en keer licht terug.
- Begin groot en licht, werk naar kleiner en dieper, sluit zacht af.
- Een of twee grepen met gevoel is genoeg voor een beginner.
Check jezelf
Wat is effleurage?
Strijken: je handen glijden met gelijkmatige druk over de huid.
Waar lijkt petrissage op?
Op het kneden van brooddeeg: je tilt een spierbundel op, knijpt en wringt.
In welke richting geef je de stevige streek?
Naar het hart toe.
Veelgestelde vragen
Wat is Zweedse massage?
Zweedse massage is de naam voor de klassieke massage. Opleiders gebruiken grepen als strijken, kneden en kleine cirkeltjes, meestal met massageolie. De vijf bekende grepen zijn effleurage, petrissage, frictie, tapotement en vibratie.
Wat is het verschil tussen effleurage en petrissage?
Effleurage is strijken: je handen glijden over de huid. Petrissage is kneden: je tilt een spier of een stuk huid op en knijpt of wringt het, zoals je brooddeeg kneedt.
In welke richting masseer je?
Opleiders werken met de steviger strijking naar het hart toe. Bij armen en benen ga je van hand of voet naar de romp, bij de rug van onder naar boven. De terugweg doe je licht.
Welke massagegrepen moet een beginner leren?
Begin met effleurage en petrissage. Een opleider schrijft dat een of twee grepen die je met gevoel geeft meer waard zijn dan tien grepen uit pure techniek.