Leidinggeven: les 7 van 9, Het GROW-model
Het GROW model: coachend leidinggeven in vier stappen
Aisha komt bij Sanne met een probleem: ze weet niet hoe ze met een boze klant moet omgaan. Sanne weet het antwoord meteen. Toch zegt ze het niet. Ze stelt vragen. Dat is coachend leidinggeven, en het GROW model helpt je daarbij. In deze les leer je de vier stappen met voorbeeldvragen.
Wat is coachend leidinggeven?
Coachend leidinggeven betekent dat je een medewerker helpt zelf een antwoord te vinden, door vragen te stellen. Het tegenovergestelde is dat je zelf de oplossing geeft. Dat laatste kan snel zijn en soms ook nodig, bijvoorbeeld bij een beginner (zie situationeel leidinggeven). Maar vooral bij mensen die het al een beetje kunnen, leren ze meer van zelf nadenken dan van een kant-en-klaar antwoord. Een coachende leidinggevende is wel geen professioneel coach: je blijft leidinggevende, met een eigen doel en eigen afspraken.
Het GROW model
Het GROW model is een hulpmiddel om zo'n gesprek op te bouwen. De naam is een afkorting van vier stappen. Het model werd bekend door John Whitmore, die het in 1992 beschreef in zijn boek Coaching for Performance. Wie het precies heeft bedacht, wordt betwist. Er zijn meer coaches die een aandeel claimen.
- 1Goal: doelWat wil je bereiken?
- 2Reality: realiteitHoe is het nu?
- 3Options: optiesWat kun je doen?
- 4Will: wilWat ga je doen, en wanneer?
De vier stappen met voorbeeldvragen
- Goal (doel). Wat wil de ander bereiken? "Wat wil je bereiken?" "Waaraan merk je dat het gelukt is?"
- Reality (realiteit). Hoe is de situatie nu? "Wat gebeurt er nu?" "Wat heb je al geprobeerd?" Houd het bij feiten.
- Options (opties). Welke mogelijkheden zijn er? "Wat zou je kunnen doen?" "Welke opties zie je nog meer?" In sommige versies staat de O voor Obstacles, dus obstakels: "Wat houdt je tegen?"
- Will (wil). Wat gaat de ander doen? "Wat ga je doen?" "Wanneer?" "Hoe zeker ben je daarvan?" Ook hier bestaat een andere lezing: Way forward, de weg vooruit.
Je gaat dus van "wat wil je" via "waar sta je nu" en "wat kan" naar "wat ga je doen". Maak de laatste stap concreet. Een gesprek dat eindigt zonder afspraak is vaak een gezellig gesprek zonder gevolg.
Tip: vul het doel niet voor de ander in, en kom niet te snel met je eigen oplossing. Als je merkt dat je bij "opties" zelf aan het woord bent, vraag dan nog één keer: "Wat zou je zelf doen?"
Sanne coacht Aisha
Aisha: "Ik weet niet hoe ik met boze klanten moet omgaan." Sanne vraagt: "Wat wil je dat er gebeurt in zo'n gesprek?" Aisha denkt na: "Dat de klant zich gehoord voelt en toch tevreden ophangt." Dat is het doel. Sanne vraagt: "Hoe verliep het gisteren?" Aisha vertelt dat ze meteen een oplossing aanbood en de klant nog bozer werd. Dat is de realiteit. Sanne vraagt: "Wat zou je anders kunnen doen?" Aisha bedenkt eerst te laten uitpraten en dan samen te vatten. Dat zijn de opties. Tot slot: "Wat ga je morgen doen?" Aisha: "Ik probeer het bij de eerste boze klant, en vertel je donderdag hoe het ging." Dat is de wil.
Merk op dat Sanne geen enkele keer zei hoe het moest. Wil je zo'n gesprek ook in een vast gesprek plannen? Gebruik dan de opbouw uit het functioneringsgesprek.
Let op: het model is gemaakt voor doelgerichte gesprekken, zoals werk en sport. Voor open vragen over het leven in het algemeen past het minder goed. Het is een hulpmiddel en geen behandeling: gaat het om klachten, verwijs dan door naar een professional of de huisarts.
Probeer het zelf
- Kies een collega of teamlid die met een vraag of probleem bij je komt.
- Stel de vier vragen op volgorde: wat wil je, hoe is het nu, wat kun je doen, wat ga je doen?
- Houd je eigen advies tot het einde achter je. Als de ander vastloopt, vraag dan eerst: "Wat zou jij doen?"
- Schrijf de afspraak op en spreek af wanneer je ernaar vraagt.
Onthoud
- Coachend leidinggeven is vragen stellen in plaats van de oplossing geven.
- GROW staat voor Goal, Reality, Options en Will (soms Obstacles en Way forward).
- Het model werd bekend door John Whitmore (1992). Wie het precies bedacht, is betwist.
- Maak de laatste stap concreet: wat, wie en wanneer.
- Het model past bij doelgerichte gesprekken, minder bij open levensvragen.
Check jezelf
Wat zijn de vier stappen van GROW?
Goal (doel), Reality (realiteit), Options (opties) en Will (wil).
Wat doe je als je bij de opties zelf aan het woord bent?
Je vraagt de ander wat hij of zij zelf zou doen.
Waarom maak je de laatste stap concreet?
Anders blijft het bij praten en gebeurt er niets.
Veelgestelde vragen
Wat is het GROW model?
Het GROW model is een manier om een coachend gesprek op te bouwen in vier stappen: Goal (doel), Reality (realiteit), Options (opties) en Will (wil), ook wel Way forward genoemd. Het werd bekend door John Whitmore.
Waar staat GROW voor?
G staat voor Goal (doel), R voor Reality (realiteit), O voor Options (opties, soms ook Obstacles) en W voor Will (wil) of Way forward (de weg vooruit).
Wat is coachend leidinggeven?
Coachend leidinggeven betekent dat je vooral vragen stelt in plaats van meteen antwoorden of oplossingen te geven, zodat je medewerker zelf leert nadenken. Je bent daarmee geen professioneel coach, maar een leidinggevende die coachend werkt.
Wie bedacht het GROW model?
John Whitmore publiceerde het in 1992 in zijn boek Coaching for Performance. Wie het precies bedacht heeft wordt betwist: ook andere coaches claimen een aandeel.