Leidinggeven: les 2 van 9, Leiderschapsstijlen
Leiderschapsstijlen: drie klassieke manieren van leiden
Elke leidinggevende doet het op zijn eigen manier. Toch zijn er patronen. In deze les leer je de bekendste leiderschapsstijlen kennen: de drie klassieke stijlen van Kurt Lewin en twee moderne ideeën, transformationeel en dienend leiderschap. Je ontdekt welke manier van leiden bij jou en bij Sanne uit ons voorbeeld past.
Waar komen leiderschapsstijlen vandaan?
Een leiderschapsstijl is de manier waarop iemand leiding geeft: hoeveel hij zelf bepaalt en hoeveel hij aan de groep laat. De bekendste indeling komt uit de jaren dertig. De psycholoog Kurt Lewin onderzocht samen met Ronald Lippitt en Ralph White clubs van tienjarige jongens. Volwassen leiders speelden daar elk een eigen stijl. Hieronder zie je de drie stijlen op een lijn.
De drie leiderschapsstijlen van Lewin
- Autoritair: de leider bepaalt wat er gebeurt en hoe het moet. De groep voert uit.
- Democratisch: de groep overlegt en beslist mee. De leider helpt en houdt het gesprek op gang.
- Laissez-faire (Frans voor "laat maar gaan"): de leider geeft de groep veel vrijheid en doet zelf weinig mee.
In dat onderzoek gaf de democratische stijl de beste combinatie van sfeer en resultaat. Maar let op: het ging om kinderen in een proefopzet. Neem het niet zomaar over op een kantoor. Wel is het een handig begin om te zien hoeveel jij beslist en hoeveel je aan je team overlaat.
Let op: geen enkele stijl past altijd. Een noodgeval vraagt om een leider die snel beslist. Een ervaren team met een duidelijk doel heeft aan weinig sturing genoeg. In les 3 leer je hoe je kiest.
Transformationeel leiderschap
De Amerikaanse onderzoeker James MacGregor Burns werkte in 1978 het idee van transformationeel leiderschap uit. Later maakte Bernard Bass het meetbaar. Het draait om leiders die hun team naar een hoger niveau willen tillen. Bass noemde vier onderdelen, hier in gewone taal:
- Je geeft het goede voorbeeld, zodat mensen je vertrouwen.
- Je schetst een doel dat mensen enthousiast maakt.
- Je daagt mensen uit om nieuwe oplossingen te bedenken.
- Je let op wat elk teamlid nodig heeft en wil leren.
Het tegenovergestelde heet transactioneel leiderschap: je werkt met duidelijke afspraken en beloningen of straffen. Burns zag ze als tegenpolen. Bass vond dat een leider ze allebei kan gebruiken.
Dienend leiderschap
Robert Greenleaf schreef in 1970 een essay over de leider als dienaar. Dienend leiderschap betekent dat je eerst kijkt wat je team nodig heeft om goed te kunnen werken. Greenleaf stelde de vraag of de mensen die je dient daardoor groeien. Er is ook kritiek: de omschrijving is vaag en lijkt op andere stijlen. Zie het als een kijkrichting: help je team vooruit.
Sanne kiest haar eigen stijl
Sanne merkt dat ze bij Aisha, die net begonnen is, vaker zelf zegt hoe het moet. Bij Pieter, die alles weet, vraagt ze juist wat hij zou doen. Zonder het te weten wisselt ze al van stijl. Dat is precies wat goede leidinggevenden doen. Wil je weten hoe je dat bewust doet? Lees dan situationeel leidinggeven. Kom je net kijken? Begin bij les 1.
Probeer het zelf
- Denk aan de laatste drie beslissingen die je op je werk nam of zag nemen.
- Schrijf bij elke beslissing op: bepaalde de leider het, besliste de groep mee, of liet de leider het los?
- Welke stijl komt het vaakst voor? Past die bij de situatie?
- Kies één beslissing deze week die je anders aanpakt, bijvoorbeeld door eerst een teamlid om zijn mening te vragen.
Onthoud
- Lewin, Lippitt en White beschreven drie stijlen: autoritair, democratisch en laissez-faire.
- Het onderzoek ging over groepen kinderen, dus gebruik het als denkhulp.
- Transformationeel leiderschap (Burns, Bass) gaat over inspireren en ontwikkelen. Dienend leiderschap (Greenleaf) gaat over je team helpen groeien.
- Er is geen beste stijl: goede leiders wisselen per situatie.
Check jezelf
Wat is het verschil tussen autoritair en democratisch leiderschap?
Bij autoritair bepaalt de leider, bij democratisch wordt samen beslist met hulp van de leider.
Wat betekent laissez-faire?
De leider geeft de groep veel vrijheid en doet zelf weinig mee.
Wie werkte transformationeel leiderschap in 1978 uit?
James MacGregor Burns. Bernard Bass maakte het later meetbaar.
Veelgestelde vragen
Welke leiderschapsstijlen zijn er?
Drie klassieke stijlen komen van Kurt Lewin en collega's: autoritair, democratisch en laissez-faire. Daarnaast hoor je vaak over transformationeel en dienend leiderschap. Er bestaan nog veel meer indelingen.
Wat is de beste leiderschapsstijl?
Er is geen stijl die altijd de beste is. Wat werkt hangt af van de taak, de persoon en het moment. Daarom leer je in les 3 over situationeel leidinggeven.
Wat is het verschil tussen autoritair en democratisch leiderschap?
Bij autoritair leiderschap bepaalt de leider wat er gebeurt en hoe. Bij democratisch leiderschap wordt in de groep overlegd en beslist, met hulp van de leider.
Wat is dienend leiderschap?
Bij dienend leiderschap zet de leider zich in voor de mensen die hij leidt. De bekende vraag van Robert Greenleaf is of die mensen daardoor groeien.